Zes jaar geleden werd Joe Van Holsbeeck in Brussel-Centraal neergestoken in een uit de hand gelopen overval. Terecht ontstond een maatschappelijke afkeer tegen een angstwekkende toename van zinloos geweld. Persoonlijk vond ik het even alarmerend dat nièmand van de omstanders had ingegrepen. Daders van zinloos geweld zouden minder schade kunnen berokkenen, situaties zouden minder vaak tot dramatische gevolgen leiden, als omstaanders hun verantwoordelijkheid zouden opnemen.
Zo blijkt ook in de fabriek van Mactac. Zes jaar lang werd een man daar gepest en keer op keer vernederd. Dit gebeurde op zo’n systematische en mensonterende manier dat ik, en velen met mij, er stil van werd. Die stilte maakt al snel plaats voor woede. Hoe is het mogelijk dat er al die jaren niemand heeft ingegrepen? Het argument dat je bij de moord op Joe Van Holsbeeck nog kon aanhalen, gaat hier niet op. Hier stond niemand verlamd van de onverwachte aanraking met extreem geweld.
Zes jaar lang geen enkele hulp. Nog eens drie jaar wachten voor er eindelijk enige hoop op gerechtigheid kwam. Samen is dat negen jaar van kille onverschilligheid.
"Now, we must all fear evil men. But there is another kind of evil which we must fear most, and that is the indifference of good men."